Een werknemer gedraagt zich anders. Is vaker te laat, maakt fouten, reageert anders dan je gewend bent of lijkt minder scherp. Je voelt dat er iets speelt, alleen wat? Misschien denk je aan alcohol, drugs of medicijnen. Maar een vermoeden is nog geen bewijs. En juist daar gaat het in veel organisaties mis. Er wordt te lang gewacht, om het probleem heen gepraat of gehoopt dat het vanzelf overgaat. Terwijl vroeg ingrijpen juist kan voorkomen dat de situatie escaleert. Het instructiegesprek helpt om die eerste belangrijke stap te zetten.
Je ziet iets, maar weet niet wat erachter zit
Problematisch middelengebruik begint zelden met iemand die openlijk vertelt dat het niet goed gaat. Veel vaker begint het met kleine veranderingen. Minder functioneren, vreemd gedrag, fouten, verzuim of onveilige situaties.
Als werkgever of leidinggevende zie je de buitenkant. Wat er achter de voordeur gebeurt, weet je niet. En dat maakt een gesprek lastig. Vraag je rechtstreeks: “Heb jij een alcoholprobleem?”, dan is de kans groot dat je meteen een discussie krijgt over alcohol in plaats van over het gedrag dat je daadwerkelijk ziet.
Daarom begint goed handelen bij signaleren en objectiveren. Binnen een ADM-beleid kan met waarnemingen en een checklist worden bepaald of er sprake is van een gegrond vermoeden. In het beschreven beleid gebeurt dat aan de hand van waarnemingen van leidinggevenden. Pas wanneer het vermoeden gegrond is, wordt de vervolgstap ingezet.
Wat is een instructiegesprek?
Een instructiegesprek is geen verhoor. En het is ook niet bedoeld om iemand koste wat kost te laten toegeven dat hij of zij een probleem heeft. Het gesprek heeft een ander doel.
Een ADM-ervaringsdeskundige bespreekt met de werknemer welke voorschriften binnen de organisatie gelden rondom veiligheid en vitaliteit in het kader van alcohol, drugs en medicijnen en waarom die regels er zijn. Daarbij wordt heel concreet gemaakt welke gevolgen middelengebruik kan hebben voor het functioneren en vooral voor de veiligheid op de werkvloer. In het beleid wordt dit gesprek gekoppeld aan het instructierecht uit artikel 7:660 BW.
Dat geeft ruimte voor een gesprek dat verder gaat dan: “Je mag dit niet meer doen.” Want de belangrijkste vraag is: wat is hier werkelijk aan de hand?
Achter het gedrag kijken
Juist doordat het gesprek wordt gevoerd door iemand die middelengebruik en afhankelijkheidsproblematiek uit de praktijk kent, kunnen signalen anders worden geduid.
Een ervaringsdeskundige kent de ontwijkende antwoorden. De bagatellisering. De verklaringen die misschien heel logisch klinken, maar niet passen bij het totaalbeeld. En vooral: hij of zij weet welke vragen gesteld moeten worden om verder te komen.
Dat betekent niet dat ieder vermoeden automatisch een verslaving is. Het kan gaan om incidenteel gebruik, een doseringsprobleem, medicijngebruik, problemen thuis of iets heel anders.
Juist door het gesprek wél te voeren, ontstaat de mogelijkheid om achter het zichtbare gedrag te kijken. En als er daadwerkelijk een ADM-probleem speelt, kan dat veel eerder boven tafel komen.
Niet wachten tot het écht misgaat
Een medewerker die onder invloed werkt, kan niet alleen zichzelf in gevaar brengen. Ook collega’s kunnen risico lopen. Zeker in functies waarin wordt gereden, met machines wordt gewerkt of waarin alertheid en reactievermogen essentieel zijn.
Daarom is een ADM-beleid niet alleen bedoeld om regels vast te leggen. Het beleid heeft juist als doel om middelengebruik bespreekbaar te maken, te voorkomen dat medewerkers onder invloed werkzaamheden uitvoeren en, als dat nodig is, hulp aan te bieden. Het instructiegesprek past precies in die gedachte.
Van instructie naar hulp
Soms blijft het bij een duidelijke instructie en afspraken over gedrag. Maar soms komt tijdens het gesprek naar voren dat er meer speelt. Wanneer een werknemer erkent dat er een ADM-probleem is, kan hulp worden aangeboden en kunnen samen de mogelijkheden voor begeleiding of behandeling worden besproken. Volgens het beleid kan een ADM-ervaringsdeskundige daarbij begeleiden richting huisarts en gespecialiseerde hulpverlening.
En juist daarin zit de kracht van vroeg handelen. Je hoeft niet te wachten tot iemand volledig uitvalt. Tot er een ongeval plaatsvindt. Tot collega’s niet meer met iemand willen samenwerken. Of tot een doseringsprobleem is uitgegroeid tot een ernstige afhankelijkheid.
Een vermoeden? Blijf er niet mee rondlopen
Heb je als werkgever, HR-professional of leidinggevende een vermoeden van alcohol-, drugs- of medicijngebruik bij een werknemer? Zorg dan dat je weet welke stappen je kunt zetten.
ADM-support helpt organisaties bij het opstellen en uitvoeren van ADM-beleid, het herkennen van signalen en het voeren van instructiegesprekken met werknemers. Een goed gesprek kan ervoor zorgen dat je niet pas ingrijpt als het te laat is.Wil je weten hoe je een instructiegesprek binnen jouw organisatie kunt inzetten? Neem contact op met AMD-support: info@adm-support.nl of bel: 06 16 388 133.